Nieuws-banner-1024-203.jpg

 

Epe

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Verschenen zaterdag 4 november vertrok ik met 4 loopmaatjes richting de Veluwe voor onze 1e halve marathon sinds langere tijd. Lammert Bos wilde na 2 jaar de halve nu helemaal uitlopen, Margreet Huijgen en Aleida de Graaf gingen er lekker van genieten, Zeger Roos had na zijn eerste halve marathon de smaak te pakken gekregen. En ik, ik had een afspraak met mijzelf. Want de afgelopen twee jaar had werd mijn voorbereiding een paar maal onderbroken door een verblijf in het Meander, maar nu mocht ik eindelijk te paard.

 

Onze groep had groter kunnen zijn. In de trainingen van de afgelopen twee maanden liepen we met tien tot vijftien mensen, elke zaterdagochtend genieten in de polder. De trainingen van 18 en 20 kilometer waren episch. Met elkaar trotseerden we regen, vloekende wielrenners, steile viaducten. En iedere week werden we sterker. Ik vind de zaterdagtraining daarom vaak leuker dan de eigenlijke wedstrijd  waarin je vooral aan jezelf overgeleverd bent.

Maar jonge kinderen of literaire festiviteiten hebben ook hun verdiende aandacht nodig.  Ik ga ook wel eens een potje scheuren met een ouwe auto op een circuit. Bovendien had de griep huisgehouden waardoor onze trainers een week voor de wedstrijd sneuvelden.  Jaap en Wim konden ons niet zien schitteren in Epe, voor hen schrijf ik deze impressie.

Afijn, in de auto dus op weg naar het beloofde land. De Veluwe is schitterend in de herfst, bomen laten zich van hun kleurrijkste kant zien terwijl je de winter al in de lucht kunt ruiken.

01
Dit dus

De wedstrijd was georganiseerd door AV Cialfo, ze hebben een ruime accommodatie midden in de bossen. Beetje gedateerd, ik kreeg flashbacks van mijn voetbalwedstrijden van 30 jaar geleden maar eigenlijk draagt dit bij aan de charme van zo’n wedstrijd. Bovendien hebben ze een prachtige atletiekbaan. Tijdens het inlopen werden wij nog opgemerkt door de spreekstalmeester, dat is natuurlijk niet zo gek want onze strakke lijven waren getooid in het actuele wedstrijdtenue van Quo Vadis

De start vond plaats buiten het sportcomplex en zowel de 5 als de 10 kilometer begonnen gelijk met de deelnemers aan de halve marathon. Mijn boekhoudersoog schatte het aantal lopers op ongeveer driehonderd. De sfeer in het startvak vind ik altijd fantastisch, allemaal lopers vol verwachting die er donders veel zin aan hebben.  Het liefst zou ik na het vallen van het schot meteen naar huis gaan want ik ben dan al helemaal opgeladen..

02

En toch ga je echt van start, je draaft de eerste kilometers tussen jonge veulens, hinden, nijlpaarden en dinosauriërs, een lint van lopers en alles is nog geweldig en iedereen is lief. Maar een halve marathon is zwaar, en ver, en eenzaam dus is het zaak om je niet te laten meeslepen in het enthousiasme van de eerste kilometers. Want na luttele minuten sloegen de 5-kilometerlopers linksaf  en even later werd het veld verder uitgedund toen ook de wegen scheiden van de 10 kilometer en de halve marathon.

03

En toen was de wedstrijd pas echt begonnen.

Met ervaring die teruggaat naar de 20e eeuw mag ik mij een gelouterd hardloper noemen, ik heb inmiddels meer dan 10 halve marathons achter mijn zolen liggen. Maar het lijf heeft inmiddels de nodige vlieguren in het leven afgelegd dus het wordt steeds meer zaak om slim met je krachten om te gaan.  In de voorafgaande week had ik een serieuze analyse gemaakt van mijn voorlaatste wedstrijd, die in mijn geheugen gegrift staat als één grote endorfinetrip. Ik had de wedstrijd opgedeeld in drie secties van 7 km en daarbij de gemiddelde snelheid als wet van Meden en Perzen in het hoofd gezet. Daarnaast had ik mij tijdens twee solotrainingen geoefend in het  mobiel hydrateren. (drinken tijdens het rennen dus maar dat klinkt minder interessant.) Die solotrainingen kwamen later nog op een ander gebied van pas.

Het deerde mij dus niet dat mijn maatjes na de start meteen uit mijn gezichtsveld verdwenen. Zeger is sowieso van een ander kaliber, zolang hij bij mij bleef zou ik hem in zijn race ophouden. Na afloop bleek dat zijn horloge niet werkte en hij aan iedereen ging vragen hoe hard hij liep, daarbij heeft hij veel nieuwe hardloopvrienden gemaakt haha!

Maar ik trok mijn eigen plan, de 1e zeven kilometer zou ik 10,5 in het uur lopen die ik in de tweede fase zou opbouwen naar 11 per uur om het laatste stuk te versnellen naar 11,5 per uur. Een eindtijd onder de 1uur 55 minuten is dan het logische gevolg. Ook zou ik iedere kilometer een weinig drinken zodat de vochthuishouding in optimale balans bleef. Voor het eerst zou ik de waterposten beleefd negeren.

04

De eerste waterpost kwam al na een kilometer of vier, daar schoof ik Aleida, Lammert en Margreet voorbij en we hebben elkaar niet weergezien. 

Kilometer 1 tot en met 7 liep ik dus op cruise control, het hele stuk riep mijn horloge mij tot de orde: beheers u! Daarbij komt nog het feit dat een bebrild heerschap in het startvak toefluisterde dat er bij kilometer 10 nog een pittige klim op het menu stond. Tussen 7 en 8 kilometer doemde al een aanzienlijke heuvel op. Over een afstand van 500 meter klommen wij van 43 naar 61 meter boven NAP en dat bracht mijn zelfvertrouwen aan het wankelen, wat stond ons bij 10 kilometer te wachten? Gelukkig had deze deelnemer zich in de afstand vergist, het leed was nu al geleden maar had al wel zijn eerste slachtoffers gemaakt. Bovenaan de helling trof ik een amachtig hijgende loper aan,  met holle ogen en een verontrustende gelaatskleur wilde hij nog 14 kilometer gaan afleggen, nooit meer wat van vernomen…

Op de top van de heuvel ging het linksaf een militair oefenterrein op. Normaal gesproken gesloten voor brave burgers want kogels en granaten schijnen daar om je oren te vliegen.

05

Geen levende ziel te bekennen, ook alle fauna was verdwenen, waarschijnlijk uit lijfsbehoud. Dit alles zorgde voor een surrealistische ervaring over een lange uitgestrekte weg van een kilometer of vijf, ongerepte natuur, doodse stilte, alsof je ergens in de uitgestrekte Scandinavische oerbossen aan het rennen was in plaats van het drukke Nederland waar je nooit echt alleen bent.

Maar helemaal alleen was ik echter niet.  Aan de horizon zag ik nog een groepje lopers maar vlak achter mij liep een snuiter die zich met allerlei apparatuur had behangen. Waarschijnlijk vloog de eenzaamheid hem aan want de hele tijd mompelde hij voor zich uit “nog…..negen…..kilometer….nog …..negen…..kilometer…..nog…..negen….kilometer” Dit bleef hij zeker vier kilometer in mijn nek hijgend herhalen, ik vermoed dat zijn navigatie op repeat stond. Misschien moet iemand hem gaan zoeken, waarschijnlijk doolt hij nog ergens rond, zijn mantra repeterend “nog……negen……kilometer…….nog……negen………kilometer”. Ook nooit meer teruggezien.

Na 12 kilometer verlieten we het slagveld. Via een bosweg met een meter herfstbladeren en een moddergeul die door de organisatie wijselijk was voorzien van waarschuwende pylonen draaiden we een ventweg op. Nog 7 kilometers terug naar de bebouwde kom. We koersten over een brede ventweg die paralel aan de hoofdrijbaan liep.  Achteraf in de auto hebben we ons verwonderd over de onmetelijke afstand van dit stuk, zelfs met de auto was het een eind!

Hier sloeg de man met de hamer zijn slag. Mijn schema werkte nog wel maar ik kreeg het zwaar! Zeven lange kilometer over een glooiend pad, in een tunnel van hallucinerende herfstkleuren terwijl het groepje wat ik zoeven nog in het vizier had nu langzaam en ontmoedigend uit het zicht verdween. Tussen de bomen meende ik zelfs een gestalte met een zeis te ontwaren….

06

Maar ook hier was ik eenzaam maar niet alleen. Want nu kwam een manspersoon met zware tred en worstelende ademhaling mij steeds dichter op de hielen lopen. Blikskaters, ik kreeg het er ongemakkelijk van! Het ging mij inmiddels niet helemaal meer naar den vleze en op mijn horloge moest ik constateren dat het gemiddelde van 11,5 kilometer per uur op een koortsdroom zou uitdraaien.

En op de bodem van deze mentale put kwamen mijn solotrainingen van pas. Doordat ik de zaterdag nog wel eens op een circuit doorbreng, kon ik niet alle trainingen volgen. De gemiste trainingen legde ik op vrijdagmiddag in besloten afzondering af en dat deed wonderen voor mijn doorzettingsvermogen. In je eentje doet alles sneller zeer, heb je niemand om mee te praten en doorsta je lijden alleen. Kortom, daar word je een vent van!

Nu mocht ik daar de vruchten van plukken. Weg met het zelfmedelijden, voor den donder! Stug liep ik door, 14 kilometer, 15 kilometer. Ik voelde het ritme van mijn ademhaling in fragiele balans met mijn looppas, ik zag niets dan bomen en bladeren, de vogels hielden op met fluiten, de natuur hield haar adem in. Het stoomgemaal achter mij besloot tot een versnelling, zelfs dat kon me niet deren. Ga maar beste man, mijn missie is een andere, het liet me siberisch.

Bij 17 kilometer was de laatste drinkpost, daar stopte de man die mij een mentale mokerslag had uitgedeeld om te drinken. Maar ik had iedere kilometer mijn eigen drankvoorraad aangesproken dus ik kon door. Bamm! Voorbij was ik hem weer gestoven, the death or the gladiool flowers!

Iedereen die wel eens een halve marathon heeft gelopen weet dat  vanaf 18 kilometer alles anders wordt. Je bewustzijn vernauwt zich, je boort diepere lagen van uitputting aan en hetzelfde liedje maalt nu kilometerslang als een dolgedraaide hamster door je hersenpan. Vergeet de diepere  gedachten en heldere inzichten maar, dit is het naakte overleven!

07

En om de beproeving nog wat extra cachet te geven hoorde ik ook nog eens een paar stampende voeten met hoogfrequente ademhaling dichterbij komen. Dezelfde huisvader die mij tussen 12 en 16 kilometer op de hakken had gezeten en was voorbijgelopen was van plan opnieuw voor mij te finishen. Bovendien liep mijn snelheid terug tot onder de 10 kilometer per uur! Paniek! Boosheid! Daadkracht! Plan in de vuilnisbak, dag uitgekiend schema, het testosteron nam het nu van de ratio over.

Eerst ging ik wat dichter bij mijn Nemensis lopen, ik liet hem subtiel merken dat mijn ademhaling wat natuurlijker verliep dan zijn hyperventilatie. En toen, met mijn laatste restje wilskracht, ging ik heel langzaam de duimschroeven aandraaien. Steeds een klein beetje sneller, even terugzakken zodat hij kon aanhaken en weer een tandje erbij.  En nog een keer, en nog een keer. Arme kerel, op 19,5 kilometer zag ik zijn slagschaduw verdwijnen en zwalkte nog wat over het parcours en toen was hij verdwenen. Nooit meer wat van gehoord.

Ja, hardlopen brengt je fijnste karaktertrekjes naar boven.

Maar ik had een zware prijs betaald voor mijn schandelijke gedrag. Kilometer 20 en 21 waren afschuwelijk! We liepen door een prachtige woonwijk aan de rand van het bos en ik heb er niks van meegekregen.  Flarden van de stadionspeaker galmden naargeestig door het hoofd, mensen in oranje hesjes wezen mij van links naar rechts en ik ontwaarde achter mij een jongedame die er veel fitter bijliep dan goed voor mij was. Op het laatst doken we een bos in en ik rende alle kanten op, de atletiekbaan zo dichtbij en tegelijkertijd zo onbereikbaar als een Noord-Koreaanse grenspost.

Maar eindelijk was er licht aan het eind van de tunnel, parallel stoof ik door het gras de baan op. Zeger stond op mij te wachten en heeft me de laatste driehonderd meter over de baan geschreeuwd. Daar was de finishboog!

08

1 uur 54 minuten nog wat zei de klok, verrek! Onder de 1.55 is mogelijk!

Vooraf zeg je braaf dat het je allemaal niet zoveel kan schelen en dat alles onder de twee uur mooi meegenomen is. Allemaal kletspraat, als je zoveel  hebt afgezien dan wil je vlammend over de lijn met een tijd die klinkt als een klok en 1 uur 54 minuten en 56 seconden is het geworden.  Ik vond het prachtig!

En iedereen was blij, Zeger heeft zichzelf overtroffen met een tijd van 1uur 42. Lammert en Margreet liepen binnen de twee uur. Met name voor Lammert een prestatie waarvoor een diepe buiging past, hij is namelijk in zijn 73e levensjaar. Wat zouden wij doen op ons 72e ?

Aleida finishte net over de 2 uur maar haar inspanning deed niet onder voor iedere andere deelnemer. Wij waren even uitgeput, daarna moe en daarna bijzonder voldaan. Wat een prachtige wedstrijd! Een parcours over brede, ruime ventwegen in een schitterende omgeving. De klim op 7 kilometer en de glooiende lange weg tussen 13 en 18 kilometer brengen deze wedstrijd verder op smaak.

Ik maak ook een buiging voor mijn trainers, Jaap Duijst en Wim Bos. Ik ben dankzij jullie training weer helemaal de fitte atleet die ik ooit was. Ik heb met deze wedstrijd weer een prachtige herinnering op de harde schijf gezet.

Epe is zeker een aanrader om nog een keer terug te komen, wie gaat er volgend jaar mee?

El hombre perseguir (Jos)

 



 

Sponsors Sint-Nicolaasloop